Het is voor veel reizigers dé reden om naar Nepal te komen: de Annapurna Circuit Trekking. Deze trekking is legendarisch en staat op de bucketlist van veel avonturiers. Het is niet zomaar een trekking, maar een reis dwars door de Himalaya. Van groene rijstterrassen en watervallen tot kale bergpassen en dorre valleien die aan Tibet doen denken. Onderweg kom je langs boeddhistische kloosters, kleurrijke gebedsvlaggetjes en traditionele dorpen waar gastvrijheid nog vanzelfsprekend is. Maar om écht te kunnen genieten van deze unieke ervaring, is een goede voorbereiding essentieel. Met deze tips maak je van jouw Annapurna trekking een onvergetelijk avontuur!
De beste maanden voor de Annapurna Circuit Trekking zijn oktober en november óf maart en april. In deze periodes is de kans op helder weer het grootst, zijn de paden goed begaanbaar en is het niet te warm of te koud. Vermijd het regenseizoen (juni tot september), dan kunnen delen van de wandelroute glad of onbegaanbaar worden.
De meeste wandelaars starten in Besisahar en eindigen in Jomsom, tegen de klok in. Dat is niet voor niets: de route klimt geleidelijk, zodat je beter kunt wennen aan de hoogte. Bovendien begin je in een groener gebied en zie je het landschap langzaam veranderen terwijl je richting de besneeuwde bergpassen trekt. Zo bouw je de spanning én de uitzichten mooi op tijdens je trekking.
Je wandelt door berggebied en dat betekent: grote hoogte. En hoe hoger je komt, hoe belangrijker het is om je lichaam de tijd te geven om te wennen. Plan dus bewust een rustdag in, bijvoorbeeld in Manang. Niet alleen om bij te komen, maar ook om de omgeving te verkennen. Wandel naar het klooster boven het dorp, drink een warme chai in een theehuisje of maak een korte acclimatisatiewandeling richting Gangapurna Lake.
Rusten betekent niet stilzitten, maar vertragen. Juist dan merk je hoe bijzonder de route is. Je hoort de gebedsvlaggen wapperen, ziet yaks voorbij sjokken en deelt misschien wel een Dal Bhat met een lokale herder. Momenten die je anders zomaar voorbij zou lopen. Echt leven in het moment dus.
Elke kilo telt als je dagenlang wandelt. Kies daarom voor laagjeskleding: een shirt van merinowol, een fleecetrui en een lichtgewicht jas zijn vaak genoeg. Overdag kan het warm zijn, maar zodra de zon onder is, koelt het heel snel af. Vergeet ook niet om je hoofdlamp mee te nemen – stroom is er schaars – en ook een waterfilter of waterzuiveringstabletten zijn handig voor onderweg.
Heb je geen zin om alles zelf te dragen? Dan kun je een porter inhuren of gebruikmaken van een muilezel. Zo ondersteun je ook nog eens de lokale gemeenschap én houd je zelf energie over voor het belangrijkste: genieten van de omgeving.
De Thorong La-pas is met 5.416 meter het hoogste punt van de tocht en een serieus obstakel. Veel wandelaars krijgen last van hoogteverschijnselen, zoals hoofdpijn of misselijkheid. Forceer jezelf niet, maar neem gas terug als je je niet goed voelt. Drink voldoende water, eet goed en wandel in een rustig tempo.
Zorg ook dat je goed verzekerd bent voor trekkings boven de 4.000 meter. En heb je twijfels over je gezondheid? Sla dan de pas over en kies voor een alternatief, zoals de Annapurna Base Camp Trek. Ook daar krijg je adembenemende uitzichten, maar dan met minder hoogteverschil.
Hoogteziekte is geen kleinigheidje en moet je serieus nemen. Merk je symptomen zoals aanhoudende hoofdpijn, misselijkheid, slapeloosheid of duizeligheid? Stop dan direct met stijgen en blijf op die hoogte tot de klachten verdwijnen. Worden de klachten erger? Dan is afdalen helaas de enige juiste keuze. Medicatie zoals Diamox kan helpen bij milde symptomen, maar is geen vervanging voor acclimatisatie. Luister naar je lichaam, negeer geen signalen en wees niet te trots om om te keren. De bergen lopen niet weg, jouw gezondheid gaat altijd voor.
Ook zin om Nepal te ontdekken? We hebben een aantal gave excursies en dagtours waaruit je kunt kiezen:


